Rob de Nijs

Na Cliff & The Shadows kan ik niet om hem heen. Twee grote idolen uit mijn jeugd … Cliff en Rob … posters aan de muur. Mijn jonge meisjeshart had het er maar zwaar mee.

Bron: Robert Haagsma, Wikipedia, management Rob De Nijs

Rob de Nijs wordt op 26 december, tweede kerstdag, 1942 geboren in Amsterdam. Zijn vader is eigenaar van een in Amsterdam en verre omgeving zeer bekende rijschool. In de zomer van 1945 krijgt hij een broertje: Bert.
Zoals zoveel kinderen die in de oorlog geboren zijn heeft ook Rob de Nijs last van zijn luchtwegen en krijgt hij samen met lotgenootjes les op de Openluchtschool Oosterpark waar veel waarde wordt gehecht aan creatieve vakken. Het is dan ook hier dat zijn artistieke talenten voor het eerst de kop opsteken. Tijdens schoolvoorstellingen ervaart hij voor het eerst hoe het is om op een podium te staan en het blijkt dan al zijn natuurlijke omgeving te zijn.
Opvallend is dat deze kant van hem ook van huis uit gestimuleerd wordt. Zeker in deze jaren van de wederopbouw zien de meeste ouders hun kinderen het liefst kiezen voor een degelijk bestaan. Niet de ouders van Rob de Nijs. Zij moedigen hem aan en zorgen voor muzieklessen. Hij is al snel een zeer verdienstelijke bespeler van de accordeon.
Na zijn lagere school gaat Rob de Nijs naar de HBS waar hij voor de klas indruk maakt met zijn bevlogen voordrachten. Op schoolfeestjes is hij de gangmaker … als zanger en accordeonist. Een bescheiden mijlpaal is zijn optreden in het stuk Driekoningenavond van William Shakespeare in het Amsterdamse Krasnapolski. Het levert hem zijn eerste recensie op.

In 1960 wordt hij lid van een bandje. Hij zingt … zijn broer Bert speelt gitaar. Ze noemen zich The Apron Strings … een naam die later vervangen wordt door “Rob de Nijs en de Lords”. Zeker in de eerste jaren modelleert de groep zich naar de dan razend populaire Cliff Richard and the Shadows. Er wordt regelmatig opgetreden. Toch trekt het theater en het toneel harder aan Rob de Nijs. Zijn buitenschoolse activiteiten nemen inmiddels zoveel tijd in beslag, dat hij de HBS achter zich laat om onderdak te vinden bij de nieuwe, maar al snel erg prestigieuze Theaterschool aan de Albert Cuyp van Bob Bouber. Heel even lijkt de muziek naar de achtergrond te verdwijnen.
Dat verandert wanneer Rob de Nijs en de Lords in 1962 doordringen tot de finale van de talentenjacht Tuk Op Talent. Het evenement vindt plaats in het Concertgebouw in Amsterdam. Rob de Nijs en de Lords gaan aan de haal met de hoofdprijs. Die behelst een platencontract met Phonogram; voor maar liefst drie singles. De eerste twee plaatjes floppen. Met de derde is het raak. Rob de Nijs en zijn band nemen een bewerking op van de Amerikaanse hit “Rhythm Of The Rain”.
“Ritme Van De Regen” wordt een Top 10 hit, waarvan uiteindelijk bijna 100.000 exemplaren van verkocht worden. Van de een op de andere dag is Rob de Nijs een ster. Hij treedt veel op en is regelmatig op de televisie te zien.

Het succes duurt tot het midden van de jaren zestig. Er ontwikkelt zich een speelse competitie tussen Rob de Nijs en zijn Haagse evenknie Johnny Lion. Terwijl de twee zangers het onderling prima kunnen vinden, gaan de beide fanscharen regelmatig met elkaar op de vuist.
Een gestage stroom singles vindt zijn weg naar de platenzaken, maar “He Mamma, Loop Naar De Maan, Jij Alleen en Troela Troela Troela-la” doen de tijden van “Ritme Van De Regen” niet herleven.

In 1965 begin het succesverhaal wat barstjes te vertonen. Rob de Nijs breekt met zijn band, om zich daar veel later weer mee te verzoenen. Even gaat hij op pad met de begeleiders van Johnny Lion: de Jumping Jewels. Roddellustig Nederland smult van de verwikkelingen. Hits worden er niet meer gescoord. In 1965 en 1966 vinden zowel Rob de Nijs als Johnny Lion emplooi bij het Circus Boltini, waar ze avond aan avond optreden.
Hij ziet met lede ogen hoe de tijdgeest verandert. Nieuwe, opwindende groepen maken muziek zoals hij die ook zou willen maken, maar waarvoor hij bij zijn platenmaatschappij geen handen voor op elkaar krijgt. Een dappere poging in de vorm van “Bye Bye Mrs. Turple” flopt bovendien. In 1969 mislukt een poging om via de voorronde van het Eurovisie Songfestival een comeback te forceren.
In deze muzikaal magere jaren wordt wel een ander, ietwat onder het stof verdwenen talent van Rob de Nijs aangesproken. Hij treedt op in de musical “Sajjuns Fiksjun” van Harrie Geelen. Een bescheiden begin van zijn acteercarrière, die grote gevolgen zal hebben. Het leidt tot een rol in de kinderserie “Oebele”, die al snel enorm succesvol wordt.
In 1970 participeert hij in de musical “Salvation”. Een jaar later sluit hij zich aan bij het Tingel Tangel Theater van Marijke en Sieto Hoving, die bekend staan om hun confronterende en cynische voorstellingen. Nederland beziet de stap van het gewezen tieneridool met verbazing.
In 1972 valt zijn belangrijkste rol hem in de schoot: die van Bertram Bierenbroodspot in de kinderserie “Kunt U mij de weg naar Hamelen vertellen mijnheer”?
Hij schittert tussen grote namen als Leen Jongewaard, Loeki Knol, Henk van Ulsen en Ab Hofstee.

Dankzij de televisie is Rob de Nijs weer helemaal terug. Platenmaatschappij Phonogram zint op een manier om hem ook als zanger weer in de schijnwerper te krijgen. Er wordt besloten hem te koppelen aan de populaire zanger, producer en songschrijver Boudewijn de Groot en dienst vaste tekstschrijver Lennaert Nijgh.
Het blijkt een gouden greep te zijn. De eerste singles Jan Klaassen De Trompetter en Dag Zuster Ursula worden hits.
In 1973 verschijnt “In De Uren Van De Middag” … zijn eerste echte elpee. Vriend en vijand roemen de songs, de teksten en – niet in de laatste plaats – de zang.
De critici zijn unaniem … Rob de Nijs is volwassen geworden en heeft eindelijk zijn ware stem gevonden. In de jaren die volgen blijft het monsterverbond vruchtbaar.
Ook het album “Kijken Hoe Het Morgen Wordt” is succesvol. En wie kent het niet …”Zet Een Kaars Voor Je Raam” … een nieuwe, grote hit voor de zanger.

In 1980 leert De Nijs Belinda Meuldijk kennen. Zij schrijft vanaf het album “De regen voorbij” (1981) veel van de teksten voor Rob de Nijs In 1996 scoorde hij zijn eerste en enige nummer 1-hit met “Banger hart”, dat vijf weken op de toppositie in de Mega Top 50 stond. In 2000 wordt De Nijs koninklijk onderscheiden als lid van de Orde van de Nederlandse Leeuw.

In 1982 verwezenlijkt Rob de Nijs een ambitie waar hij al lang mee rondloopt. Hij begint zijn eerste theatertournee. De eerste in deze soort in Nederland. Het publiek vergaapt zich aan de energieke shows, gebracht door de nog altijd zeer jeugdig ogende zanger en zijn band. De optredens geven zijn loopbaan een enorme nieuwe impuls.
Een registratie ervan verschijnt als dubbelalbum “Springlevend”. In 1982 viert De Nijs zijn 20-jarig artiestenjubileum met een concert in Utrecht Vredenburg. De registratie van dat concert wordt ook onder de naam “Springlevend “uitgebracht op LP.
Ondertussen blijft hij nieuwe studioplaten maken, zoals in 1985 “Pur Sang”, met daarop de hit Alles Wat Ademt. In 1985 scoorde hij zijn grootste hit tot dan toe. Het vredeslied “Alles wat ademt” stijgt tijdens de kersttijd naar de tweede plaats. De zin “laat alles wat ademt in vrede bestaan” komt uit Psalm 150 vers 6.

In 1987 viert hij zijn 25-jarig jubileum als artiest. Zilver is de vanzelfsprekende titel van een biografie en een album waarop hij klassiekers uit de Nederlandse poptraditie vertolkt. In 1990 onderneemt hij een zoveelste poging om voet aan de grond te krijgen in het buitenland, maar “Stranger In Your Land” wordt er niet opgemerkt. Dit nummer is ook niet te vinden op internet of op you tube. Wel een verwijzing dat hij voor het buitenland blijkbaar een naamsverandering uitprobeerde … Rob Denys – Stranger In Your Land.

Het thuisfront blijft hem echter goedgezind. Nieuwe platen worden goed ontvangen. Ze winnen bovendien aan muzikale diepgang omdat Rob de Nijs zijn vaste band, waarmee hij al jaren op de Nederlandse podia succes heeft, een steeds grotere rol laat spelen op zijn albums.
In 1996 verschijn “De Band, De Zanger En Het Meisje”. De platenmaatschappij reageert aanvankelijk wat gereserveerd op het werkstuk. Dat verandert wanneer een dansbare remix van het nummer Banger Hart, geschreven door Ellert Driessen (Spargo), hem een nummer-1 hit bezorgt. Het is de eerste in zijn lange loopbaan. Opnieuw brengt het Rob de Nijs op de voorpagina’s van kranten en tijdschriften.

In februari 2000 worden hem tijdens een concert in de Utrechtse Vredenburg door staatssecretaris Rick van der Ploeg de versierselen opgespeld die horen bij de Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. De eer valt hem ten deel vanwege zijn verdienste voor zowel de Nederlandse muziekindustrie als voor het Nederlandse lied.

In de jaren die volgen blijft het prijzen en onderscheidingen regenen. Zo ontvangt hij in 2002 een Edison voor zijn gehele oeuvre. In diezelfde periode zingt hij twee duetten met Prinses Christina.

1800-01-01 00:00:00

Het heugelijke feit dat hij 40 jaar hits scoort, viert hij met enkele optredens in het theater Carré in Amsterdam. Er verschijnt ook een nieuwe bloemlezing van zijn werk: het boxje 40 Jaar Hits.

Hij neemt een nieuwe plaat op: “Chansons”. Zoals de titel al aangeeft, is het een verzameling bewerkingen van Franse liederen. Voor de vertalingen tekende onder meer Jan Rot. Hij maakte dan ook de nieuwe versie van “This Melody”, dat als “Een Melodie” op de plaat komt. Het is een duet tussen Rob de Nijs en de oorspronkelijke uitvoerende zanger Julien Clerc. Het album komt uit in 2008 en laat ook in andere songs horen hoe een gerijpt zanger Rob de Nijs inmiddels is.

In 2014 komt Rob de Nijs met een nieuw album genaamd “Nieuwe Ruimte”. Het album bevat veel covers en daarnaast een aantal originele stukken. Opmerkelijk is dat voor het eerst sinds 1975 Boudewijn de Groot een nieuw lied leverde. Ook Belinda Meuldijk schreef, voor het eerst sinds hun scheiding, drie stukken voor het album. In 2017 volgde het album Niet voor het laatst met bijdragen van onder andere Spinvis, Daniël Lohues, Frederique Spigt en Paskal Jakobsen.

Tot en met 2019 blijft de zanger actief en trekt met zijn jubileumshow volle zalen. Eind augustus 2019 valt hij tijdens een optreden in Naaldwijk plotseling van het podium. Op 17 september laat hij weten in het daaropvolgende jaar te zullen stoppen met optredens, omdat bij hem de ziekte van Parkinson is vastgesteld. Hij zal zijn huidige tournee afmaken en in 2020 een afscheidstournee door heel Nederland geven die zal eindigen in Amsterdam, de plek waar het allemaal begon.

Op 6 november 2020 verschijnt het afscheidsalbum “’t Is mooi geweest”. Het album wordt uitgebracht tezamen met een boek. In het programma Op1 zingen Danny Vera en Paskal Jakobsen de nieuwe single “Wat als later nu is”.

Op 13 maart 2020 is hij te gast bij De Wereld Draait Door en sinds lange tijd weer op tv. Hij zingt daar twee liedjes van zijn album “Niet voor het laatst” met een nog steeds zuivere stem.

Op zondag 21 november 2021 geeft Rob een emotioneel afscheidsconcert voor zijn Belgisch publiek in het Sportpaleis in Antwerpen. ’t Is mooi geweest’ … zo staat het op de tickets.
En zo voelt het ook. In een liefdevolle omarming en bij elk lied luidkeels ondersteund door de fans, viel gisteravond het doek voor Rob de Nijs. Na zestig jaar op de planken en onverwoestbare hits.
Na een carrière die ooit in Vlaanderen begon en waaruit meer dan 700 liedjes vloeiden. Negentien daarvan selecteerde hij eigenhandig. ,Iedereen mag huilen, behalve ik,” vertelde hij vooraf. Maar amper twee nummers verder werd het ook de zanger te veel. Overweldigd door het publiek en hét besef van afscheid weerklonk plots een instrumentaal Ritme van de regen.
,,Ik ga proberen de volgende songs te zingen,” klonk het nadien verontschuldigend en te midden van tientallen I Love You’s! uit de zaal. ,,Maar ik voel dat mijn stem zegt: ‘Doe het zelf maar. Vanmiddag was die stem er nog. Maar nu wordt het misschien een beetje schor.”

De band schakelt een versnelling hoger bij “Ik wil je” maar verliest bij “Banger Hart” opnieuw zijn zanger. Zichtbaar ontredderd op zijn stoel. Hét moment voor de fans om zich te roeren. De zaal valt in en begint aan één langgerekte hymne.
“Malle Babbe, Zuster Ursula, Jan Klaassen en Alles wat ademt” wervelen als eresaluut door het Sportpaleis.
Zo luid als dàt klinkt, zo stil wordt het bij het laatste lied. “Niet voor het laatst”.

Het afscheidsconcert dat Rob de Nijs volgend jaar in Nederland gaat houden is vastgelegd op 10 april in de Ziggo Dome in Amsterdam.

Niet zonder emoties en tranen heb ik dit geschreven, hele boekwerken gelezen, stukken aangehaald. Nog altijd weet deze man bij mij de juiste snaar te raken. Ik ben en blijf zijn fan!


9 comments

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.